Vastgoed Nederland

365beheer

Info huurverhoging 1 juli 2013

Terug

publicatie datum : Vrijdag 22 Februari 2013 Om 08:02

Info huurverhoging 1 juli 2013

De maximale huurverhogingspercentages zijn bekend gemaakt door Rijksoverheid. In onderstaand artikel leest u de regelgeving. In de vrije sector is de huurverhoging vrij gegeven. Als verhuurder van een woning in de niet geliberaliseerde sector (vrije sector) bent u dus vrij om uw huurverhoging te bepalen naar uw huurders.

365Beheer zal haar verhuurders in maart informeren over de mogelijkheden en vervolgens alle huurders de huurverhogingsbrieven versturen.

Als u vragen heeft over de huurverhoging voor 2013 neemt u contact met ons op: 088-1235000.

Berichtgeving Rijksoverheid: 

Het kabinet-Rutte-Asscher wil de huur verhogen. zodat de huurprijzen meer marktconform worden. Vanaf 1 juli 2013 gelden er daarom hogere percentages voor de maximale huurverhoging voor hogere inkomens en middeninkomens.

Percentages maximale huurverhoging per 1 juli 2013

De maximale jaarlijkse huurverhoging was in de jaren 2007-2012 gelijk aan de inflatie. Vanaf 1 juli 2013 zijn de percentages voor de maximale huurverhoging weer hoger dan de inflatie. Dit betekent een huurverhoging van:

  • 1,5% plus inflatie voor huishoudinkomens tot € 33.614;
  • 2,0% plus inflatie (0,5% extra) voor middeninkomens. Dit zijn huishoudinkomens van € 33.614 tot € 43.000;
  • 4,0% plus inflatie (0,5% extra) voor hogere inkomens. Dit zijn huishoudinkomens boven € 43.000.

De inflatie over 2012 was 2,5%. Hierdoor gelden uiteindelijk per 1 juli 2013 de volgende percentages voor de maximale huurverhoging:

  • 4% voor huishoudinkomens tot € 33.614;
  • 4,5% voor middeninkomens (0,5% extra);
  • 6,5% voor hogere inkomens (2,5% extra).

De wetsvoorstellen die deze extra huurverhoging regelen, zijn in behandeling bij de Eerste Kamer. De extra huurverhoging is dus onder voorbehoud van instemming door de Eerste Kamer met deze wetsvoorstellen.

Inkomen huurders vaststellen

Onder het huishoudinkomen vallen alle inkomens van de huurder en overige bewoners van de woonruimte. Bij de extra huurverhoging geldt het verzamelinkomen dat huurders 2 kalenderjaren eerder verdienden. Bij een huurverhoging in 2013 gaat het dus om het inkomen over 2011. Deze inkomens zijn namelijk definitief vastgesteld.

De extra huurverhoging geldt niet in het volgende geval: als de huurder kan aantonen dat het verzamelinkomen van het huishouden 1 kalenderjaar eerder (bij een verhoging in 2013 dus over het inkomen van 2012) niet hoger was dan € 43.000 of € 33.614. Dan geldt het huurverhogingspercentage dat is toegestaan bij het nieuwe inkomensniveau (€ 33.614-43.000 of onder € 33.614).

Inkomen inwonende kinderen telt niet mee 
Bij de inkomens van inwonende kinderen die op 1 januari nog geen 23 jaar waren, telt het inkomen tot aan het het niveau van het wettelijk minimumloon (ongeveer € 20.000) niet mee bij het huishoudinkomen. Op die manier worden jongeren niet ontmoedigd om een bijbaantje te nemen.

Verhoging alleen bij gereguleerde huurwoningen

De 2,5% (inflatie + 4%) en 0,5%(inflatie+2%) extra huurverhoging geldt alleen voor bewoners van gereguleerde (niet-geliberaliseerde) huurwoningen. Bij geliberaliseerde huurwoningen (vrije sector) is er geen maximumpercentage waarmee de huur jaarlijks mag stijgen. De overheid hoopt dat huurders met hogere inkomens door deze maatregel eerder verhuizen. Zo wil de overheid het scheefwonen tegengegaan.

Gedifferentieerde huurverhoging

De huurtoeslag blijft bestaan om woningen voor lagere inkomens betaalbaar te houden. Dat maakt een gedifferentieerde huurverhoging mogelijk. Dit houdt in dat de huurverhoging afhankelijk is van de hoogte van het huishoudinkomen. Bij mensen met een inkomen tussen de € 33.614 en € 43.000 gaat het om 2% bovenop de inflatie. Boven de € 43.000 is de huurverhoging 4% plus inflatie.

Huurverhoging niet verder dan de maximale huurprijsgrens

De huurprijs kan door de jaarlijkse huurverhoging nooit hoger zijn dan de maximale huurprijsgrens van de woning. Die maximale huurprijsgrens is afhankelijk van de kwaliteit van de woning. Het puntensysteem (ook wel woningwaarderingsstelsel genoemd) bepaalt de kwaliteit van een woning.

Huurprijs kan na inkomensdaling omlaag

Huurders van wie het inkomen daalt na inkomensafhankelijke huurverhoging krijgen recht op huurverlaging. Dit geldt in de volgende situaties:

  • Bij een daling van het huishoudinkomen tot onder € 43.000 maar nog boven € 33.614. De huurprijs kan dan worden verlaagd tot de huurprijs zoals die was geweest als de laatste 2 huurverhogingen op het niveau van inflatie+2% hadden gelegen (het toegestane niveau bij een huishoudinkomen tussen € 33.614 en € 43.000).
  • Bij een daling van een huishoudinkomen tot onder € 33.614. De huurprijs kan dan worden verlaagd tot de huurprijs zoals die zou zijn geweest als de laatste 2 huurverhogingen op het niveau van inflatie+1,5% hadden gelegen (het toegestane niveau bij een huishoudinkomen onder € 33.614.
  • Bij een daling van het huishoudinkomen tot onder de inkomensgrens voor de huurtoeslag. De huurprijs kan worden verlaagd tot de huurtoeslaggrens als de huurprijs door de jaarlijkse huurverhoging tot boven die grens was gestegen. Door die verlaging van de huurprijs kan het huishouden dan huurtoeslag krijgen.

Verhoging niet verplicht voor verhuurders

Verhuurders zijn niet verplicht de huur met maximaal 4% bovenop de inflatie op maximaal 2% bovenop de inflatie te verhogen. Willen ze er wel gebruik van maken, dan hebben ze een verklaring nodig dat het huishoudinkomen van de huurder(s) hoger is dan € 33.614 of € 43.000.

Geen hogere huurverhoging voor bepaalde groepen gehandicapten en chronisch zieken

Bepaalde groepen van gehandicapten en chronisch zieken kunnen de inkomensafhankelijke hogere huurverhogingen tegenhouden. Deze mensen kunnen vaak niet verhuizen. Bovendien hebben ze vaak speciale voorzieningen in hun woning De minister moet nog vaststellen welke groepen gehandicapten en chronisch zieken de huurverhoging kunnen tegenhouden.

Niet eens met huurverhoging

Vindt u dat uw extra huurverhoging onterecht is? U kunt dan bezwaar maken tegen dit voorstel bij uw verhuurder. U hoeft geen inkomensverkaring te tonen als u vindt dat het huishoudkomen niet hoger is dan de inkomensgrens (€ 33.614 of € 43.000), De verhuurder vraagt namelijk een nieuwe, actuele inkomensverklaring op bij de Belastingdienst.

Als uit deze verklaring blijkt dat uw huishoudinkomen inderdaad lager is, kan de verhuurder het huurverhogingsvoorstel aanpassen. De verhuurder past dan het voorstel aan tot het niveau dat past bij de juiste inkomensgrens.

Blijkt uit de nieuwere inkomensverklaring dat uw huishoudinkomen wel hoger is dan de inkomensgrens? Dan kunt u het bezwaar intrekken en gaat de voorgestelde huurverhoging door. Als uw niet uw bezwaar wilt intrekken en de verhuurder wil de voorgestelde huurverhoging doorzetten, dan moet de verhuurder een uitspraak van de huurcommissie vragen over zijn voorstel. Hij stuurt dan zijn huurverhogingsvoorstel met beide inkomensverklaringen en het bezwaarschrift van de huurder naar de huurcommissie.

Wilt u weten of het huurverhogingsvoorstel van uw verhuurder binnen de wettelijke grenzen ligt? Via de online huurverhogingscheck kunt u dit controleren.

Verklaring Belastingdienst voor verhuurder

Verhuurders kunnen bij de Belastingdienst een inkomensverklaring van de huurder opvragen over het inkomenstoetsjaar (2 kalenderjaren eerder). De Belastingdienst geeft geen gespecificeerde inkomensgegevens, maar alleen een verklaring of het huishoudinkomen meer dan € 43.000 is of in de categorie € 33.614-43.000 valt of minder dan € 33.614 is. Ook staat in de verklaring om hoeveel bewoners het gaat als het inkomen meer is dan € 33.614 of € 43.000. De verhuurder moet deze verklaring bij het huurverhogingsvoorstel voegen.

Verhuurders kunnen de inkomensgegevens bij de Belastingdienst opvragen via de website externe link: Inkomensafhankelijkehuurverhoging.nl. In de handleiding Inkomensindicaties aanvragenstaan instructies hiervoor.